Zorginstelling Meerzicht

Wie kijkt wat er was, ziet wat er is. Wie kijkt wat er kan, ziet wat er komt.

Algemene Beschouwingen GroenLinks, Kadernota 2017 – 2020

Helderder dan het college zelf kunnen wij de bestuurlijke boodschap bij deze kadernota niet samenvatten. Het stuk heeft de sfeer van afstandelijke beschouwers, niet van alert anticiperende beleidsmakers en doeners. En dat terwijl het college in woorden wel degelijk kiest: vier investeringsvelden en verderop nog eens vijf bijzondere opgaven. Maar tussen de tekst en de uitwerking in mogelijke voorstellen zit nog al wat licht.

Om het meteen maar concreet te maken: in de wenselijke voorstellen betreft het grootste deel (ca. 1,6 mln) correcties, tekorten e.d, ruim € 700.000 onderzoek, analyse en acquisitie en nog geen € 500.000 echt investeren (zie bijlage).

We lopen het geheel graag even met u door. De investeringsvelden:

  1. De drie decentralisaties als hefboom om te komen tot meer zelfredzaamheid en participatie van de inwoners.

Wij hier enorm een echt actieprogramma tegen de tweedeling. Vorig jaar werd onze motie om tot een meer integrale benadering van dat vraagstuk te komen aangenomen. Het college leverde, waarvoor dank, een goede analyse over wat er aan de hand is. Niet vrolijk stemt ons dat het probleem eerder groter dan kleiner wordt, dat de leefbaarheid in wijken en buurten niet verbetert en dat de bereikbaarheid van de sociale wijkteams onvoldoende is. We missen op die punten voorstellen. Tweedeling is nl niet alleen een kwestie van betaald werk en inkomen, het is vooral een kwestie van meedoen, het gevoel hebben er bij te horen.

  1. De stad van, voor en door jongeren (investeren op het gebied van onderwijs, werk en vrije tijd).

Investeren in jongeren is cruciaal voor de levendigheid en veerkracht van de samenleving. Het is goed dat het college dat ook erkent. Maar waarom is dan het enige concrete voorstel op dit punt dat uiterst discutabele “coördineren van watersportlessen in het onderwijs” (€20.000), terwijl de basisvoorziening op dit punt, zwemlessen, al jaren niet eens meer geregeld is?

De ongeveer grootste investering die we gaan plegen zit wonderlijk genoeg nog niet in de kadernota, nl. de huisvesting van het middelbaar onderwijs. Waarom komt het college nu niet met het voorstel de reservering op dat punt aan te passen? Dan kan de SVOL concreet gaan werken aan verreweg de beste oplossing van het huisvestingsvraagstuk, nl. één campus, het liefst grenzend aan het stadshart. Dat helpt echt tegen dreigende tweedeling in het onderwijs, zo kan maximaal gebruik gemaakt worden van de voorzieningen in het centrum, krijgt dat een enorme impuls en wordt die kale vlakte die eufemistisch Parkwijk heet, goed ingevuld. Een keus die je maar een keer kunt maken.

  1. Meer en ander werk: verkleinen van de mismatch op de arbeidsmarkt en versterken toekomstbestendigheid van banen.

Ook met dit investeringsveld zijn we blij. Maar opvallend is dat de grootste bijdrage die daar aan geleverd kan worden in deze stad, nl via verduurzaming, de circulaire economie en gezond voedsel, het vooralsnog niet verder brengt dan een mager PM-metje. Hier hadden we graag een echte keuze gezien. En wat we blijven missen is een nieuwe kijk op werk: ook onbetaalde inzet als wezenlijk bijdrage aan de samenleving en af en toe als opstap(je) naar betaalde arbeid …

  1. Aantrekkelijke woonstad: vergroten (beleving van de) aantrekkelijkheid van de stad.

Lelystad ís een aantrekkelijke woonstad. Het probleem zit hem er niet in dat dat onbekend is en dat we dus al maar meer acquisitie moeten bedrijven. Het trendrapport stelt vast dat juist de omgevingsfactoren ongunstig zijn. Natuurlijk spelen werk en de gebrekkige identificatie van de stad met de nieuwe natuur en het omliggende agrarisch gebied daarbij een rol. Maar ook het volstrekte gebrek aan identiteit van het stadshart is een cruciale factor. Als we nu eens dat acquisitiegeld omzetten in investeringen in een Stadshart 2.0. Als we daar nu ook eens echt een financiële prioriteit van maken om daar een modern kloppend hart te maken, met meer functies dan nu, met een openbare ruimte die klinkt als een klok? Het betekent oneindig veel meer dan het bezoek van tien beurzen. We wisselen dit investeringsveld dus graag in voor het Stadshart.

Opvallend is ook dat de ideeën rond Lelykracht bij dit onderwerp genoemd worden. Het is goed dat de vier instellingen bottom up gaan werken. Al zijn we nog benieuwd naar de invulling. Overigens zien we het ook als gedeeltelijk terugdraaien van de eerdere bezuinigingen. We vragen ons overigens af waarop is gebaseerd dat dit initiatief over een paar jaar echt zich zelf kan bedruipen. Maar: we geven het ons voordeel van de twijfel. En we zouden de instellingen daarbij graag een paar kaders willen meegeven: pleeg vooral inzet op jongeren, en op het verminderen van de tweedeling: nl gericht op het meedoen van groepen die dat nu niet doen..

Bijzondere opgaven (par.4):

  • Agora: we zijn het erover eens dat besluiten nu nodig zijn. Wij voegen daar graag een aan toe: nu afzien van aparte bioscoopontwikkeling en de Agora uitdagen die functie (ook op langere termijn) maximaal in te vullen

  • Statushouders worden helaas weer benoemd als kostenpost en niet als aanwinst voor de stad. Wilt u dat nooit meer doen?

 

Ten slotte:

MRA: Op zich goed dat we meedoen, maar ons ontbreekt toch helderheid op de echte meerwaarde er van. Het college vraagt (weer) meer geld daarvoor. Wij willen dat koppelen aan een setje concrete prestatie-afspraken

Luchthaven: Onbegrijpelijk vinden we dat het college meent de NV Schiphol met €48.000 per jaar de komende vier jaar te moeten spekken voor werk, dat gebeurt in primair hun belang. Bij andere partijen brengen we ook gewoon in rekening. Waarom hier niet?

WMO/Jeugdzorg: Ondanks alle monitoring blijven we niet goed weten waar we aan toe zijn. Nog meer daarvan lijkt ons geen goed idee. Verstandiger, en voor betrokken bewoners zinvoller, lijkt ons om een echte goede onafhankelijke signalering en klachtbehandeling te organiseren, bv via een ombudsman.

22 mei 2016,

Sjaak Kruis